Original youtube description:

  1. Hij heeft geroepen
  2. Hij werd gehoord
  3. Hij heeft God geprezen

16 Komt, hoort toe, o allen gij, die God vreest, en ik zal vertellen, wat Hij aan mijn ziel gedaan heeft. 17 Ik riep tot Hem met mijn mond, en Hij werd verhoogd onder mijn tong. 18 Had ik naar ongerechtigheid met mijn hart gezien, de Heere zou niet gehoord hebben. 19 Maar zeker, God heeft gehoord; Hij heeft gemerkt op de stem mijns gebeds. 20 Geloofd zij God, Die mijn gebed niet heeft afgewend, noch Zijn goedertierenheid van mij.

In deze Biddagpreek staat ds. W. Visscher stil bij het getuigenis van de dichter uit Psalm 66. De dichter spreekt over het biddende leven. Hij vertelt wat de Heere aan zijn ziel gedaan heeft en roept anderen op om daarnaar te luisteren.

Het gebed wordt in de Heidelbergse Catechismus genoemd het voornaamste stuk der dankbaarheid. In deze verzen horen we hoe een bidder spreekt over zijn gebedsleven: hij heeft geroepen tot de Heere, hij heeft ervaren dat de Heere hoort, en daarom prijst hij de Naam van God.

De dichter getuigt dat zijn gebed niet bij het plafond bleef steken, maar dat de Heere in de hemel naar hem luisterde. Daarom kan hij eindigen met lof: “Geloofd zij God, Die mijn gebed niet heeft afgewezen.”

Preken van ds. W. Visscher staan met zijn toestemming op Evangelie Herauten.