Original youtube description:

  1. Verkondigd
  2. Veracht
  3. Verstaan

1 Wie heeft onze prediking geloofd, en aan wien is de arm des HEEREN geopenbaard? 2 Want Hij is als een rijsje voor Zijn aangezicht opgeschoten, en als een wortel uit een dorre aarde; Hij had geen gedaante noch heerlijkheid; als wij Hem aanzagen, zo was er geen gestalte, dat wij Hem zouden begeerd hebben. 3 Hij was veracht, en de onwaardigste onder de mensen, een Man van smarten, en verzocht in krankheid; en een iegelijk was als verbergende het aangezicht voor Hem; Hij was veracht, en wij hebben Hem niet geacht.

In deze preek wordt stilgestaan bij het profetische getuigenis van Jesaja over de lijdende Knecht des HEEREN.

Allereerst wordt Hij verkondigd. De profeet spreekt over de arm des HEEREN die geopenbaard wordt. Maar de aangrijpende vraag klinkt: wie heeft deze prediking geloofd? Het Evangelie wordt gehoord, maar niet vanzelf aangenomen.

Vervolgens wordt Hij veracht. De Knecht verschijnt niet in uiterlijke heerlijkheid. Hij heeft geen gedaante noch heerlijkheid. Hij wordt verworpen, miskend en niet geacht. De Man van smarten wordt door mensen afgewezen.

Tenslotte komt de vraag of Hij ook wordt verstaan. Wie leert door genade zien Wie deze Knecht is, ziet in Hem de Borg en Zaligmaker, Die vrijwillig de weg van vernedering ging om zondaren te verlossen.

Zo roept deze preek op om niet voorbij te gaan aan de verachte Knecht, maar Hem te leren kennen als de door God gegeven Zaligmaker.

Preken van ds. W.L. van der Staaij staan met zijn toestemming op Evangelie Herauten.